“U woont te groot.” Hou daar mee op!
In discussies over de woningmarkt hoor je het steeds vaker: ouderen wonen te groot. Ze zouden moeten verhuizen, zodat hun woning vrijkomt voor gezinnen en de doorstroming op gang komt.
Ik heb daar moeite mee. Eigenlijk is dat een understatement. Ik ben het er heel erg mee oneens wanneer dit als algemene oplossing wordt gepresenteerd. Niet omdat doorstroming onbelangrijk is. Natuurlijk kan een verhuizing voor een oudere juist heel prettig zijn. Bijvoorbeeld naar een gelijkvloerse woning, dichter bij voorzieningen of naar een woonvorm waar zorg gemakkelijker beschikbaar is. Maar dan moet die verhuizing wel passen bij de persoon zelf.
Een woning als een sociaal netwerk
Een woning is geen voorraadartikel dat je simpelweg efficiënter over de bevolking kunt verdelen. Een huis is ook een sociaal netwerk. Voor iemand die al twintig, dertig of zelfs misschien wel langer op dezelfde plek woont, is een woning veel meer dan een aantal vierkante meters.
Daar liggen je herinneringen. Daar kent je je buurt. Daar woont jouw buurman die de heg knipt, een vriendin die boodschappen meeneemt als jij even geen tijd hebt of gewoon niet kunt of iemand die gewoon even binnenloopt voor een bakkie koffie en een praatje.
Juist dat soort contacten kunnen belangrijker worden naarmate iemand ouder wordt. De overheid erkent dat overigens zelf ook. Volgens Rijksoverheid willen de meeste ouderen het liefst zo lang mogelijk zelfstandig in hun eigen woning en vertrouwde buurt blijven wonen. Problemen door ouder worden kunnen volgens de overheid vaak worden opgevangen door woningaanpassingen of hulp van mantelzorgers, vrijwilligers en professionals.
Het SCP waarschuwt tegelijkertijd dat sociale netwerken niet zomaar opnieuw zijn op te bouwen. Beleid doet steeds vaker een beroep op zelfredzaamheid en hulp vanuit de omgeving, maar juist die omgeving is voor veel ouderen het resultaat van tientallen jaren wonen en leven op dezelfde plek. En dan zeggen dat iemand “te groot woont” en maar moet verhuizen? Dat steekt mij. Dat schuurt enorm.
Moet je doorstromen op basis van vrijwilligheid?
Doorstroming is belangrijk, maar vrijwilligheid ook. De overheid wil tot en met 2030 honderdduizenden woningen voor ouderen realiseren. Dat kan heel positief zijn. Als iemand zélf graag kleiner of gelijkvloers wil wonen en er eindelijk een geschikte woning beschikbaar komt, ontstaat er vanzelf doorstroming.
Het kabinet benadrukt inmiddels ook expliciet dat vrijwilligheid het uitgangspunt moet zijn. In juli 2026 werd €420 miljoen extra beschikbaar gesteld voor ouderenwoningen. Daarbij wordt juist gesproken over ouderen die graag willen verhuizen, maar nu vastlopen omdat passend aanbod ontbreekt of de verhuizing financieel onaantrekkelijk is. Dat is wat mij betreft een wezenlijk andere benadering.
Niet: “Hoe krijgen we deze woning vrij?”
Maar: “Wat heeft deze persoon nodig om prettig, veilig en zelfstandig te blijven wonen?”
Soms is het antwoord daarop: verhuizen. En soms is het antwoord: helemaal niet verhuizen.
De menselijke kant
De menselijke kant raakt makkelijk uit beeld. Een krantenartikel dat ik onlangs las, maakte dat nog eens pijnlijk duidelijk. Het ging over een oudere vrouw die in de laatste weken van haar leven nog twee keer van verpleeghuis moest veranderen. Haar dochter beschreef hoeveel verwarring en verdriet die verhuizingen veroorzaakten. Natuurlijk is een verhuizing naar een andere koopwoning omdat je een “stap” wil maken iets heel anders dan een gedwongen verhuizing in de laatste levensfase.
Maar de overeenkomst zit voor mij in iets anders: vertrouwdheid doet ertoe. Een bekende omgeving, bekende gezichten en vaste routines hebben waarde. Zeker als iemand ouder en kwetsbaarder wordt.
Daar moet je niet licht overheen stappen omdat een spreadsheet laat zien dat een woning misschien “efficiënter” door iemand anders kan worden gebruikt.
Financieel advies gaat over meer dan geld alleen
Financieel advies gaat daarom niet alleen over geld. Als financieel adviseur kijk ik natuurlijk naar de financiële kant. Kan iemand de woning blijven betalen? Is aanpassing van de woning mogelijk? Kan overwaarde worden gebruikt? Wat gebeurt er met inkomen, vermogen en woonlasten als iemand verhuist?
Maar daarna komt minstens zo’n belangrijke vraag: Wil iemand dit eigenlijk zelf? En misschien moet die vraag wel als eerste komen.
Een goed financieel advies moet een mens helpen zijn eigen keuzes te maken. Niet iemand richting een verhuizing duwen omdat dat maatschappelijk goed uitkomt. Als verhuizen meer comfort, veiligheid of levenskwaliteit oplevert: prachtig. Maar als iemand liever blijft wonen tussen de mensen en op de plek die vertrouwd zijn, dan verdient die keuze precies hetzelfde respect. Een woningtekort los je niet op door ouderen het gevoel te geven dat zij in hun eigen huis in de weg zitten.
Over de auteur
Auke Gijsbertse is financieel adviseur bij Tijd voor Advies. Hij helpt particulieren en ondernemers bij financiële vragen over wonen, hypotheek, pensioen, lijfrente, vermogen, scheiden, erven en schenken. Zijn uitgangspunt is om ingewikkelde financiële en fiscale onderwerpen begrijpelijk te maken en daarbij ook te kijken naar aandachtspunten en mogelijkheden waar je zelf misschien niet direct aan denkt.
Wil je meer lezen van Auke Gijsbertse.
Kijk ook eens op zijn linkedln pagina: Auke Gijsbertse - Gecertificeerd Financieel Planner
Laatst gecontroleerd op 13-09-2026.